Actueel Mensenrechten


Lees ook: 50 jaar universele mensenrechten (een samenvatting)

Het individu
De mens is in wezen spiritueel van aard en kan zich ontwikkelen door morele, menselijke relaties aan te gaan, door alle gelederen van de gemeenschap heen.

Ieder mens heeft het recht om zich vrijelijk in de maatschappij te kunnen bewegen. Ook heeft ieder mens het recht op gelijke kansen en een gelijke standaard van de mensenrechten

Dienstbaarheid is de plicht van ieder mens: van het individu aan de mensheid, en van de sterkere aan de zwakkere. De grenzen van moreel gedrag mogen door niemand overschreden worden.

Mensen zijn wel gelijkwaardig, maar hoeven niet allemaal op elkaar te lijken. Het motto van een organische samenleving is 'eenheid in verscheidenheid'.

Aangezien het lichaam der mensheid één en ondeelbaar is, wordt elk lid van het menselijk ras dat op de wereld geboren wordt, toevertrouwd aan de hoede van het geheel.

Het gezin
Het gezin is de sociale eenheid van de maatschappij; gedrag dat daar wordt waargenomen en aangeleerd zal zich vertalen naar interacties op alle niveaus van de samenleving.

Man en vrouw zijn gelijkwaardig aan elkaar. De naleving van dit principe heeft een enorme invloed op het tot stand brengen van een vreedzame en harmonieuze samenleving.

Het gezin heeft het recht om te leven onder omstandigheden die gunstig zijn voor lichaam, verstand en geest.

De verhoudingen tussen de gezinsleden moeten gebaseerd zijn op wederzijds respect en liefdevol overleg. Ouders hebben de plicht hun kinderen de best mogelijke opvoeding en opleiding te geven. Kinderen hebben de plicht hun ouders te eerbiedigen.

Moeders zijn de eerste opvoeders en de eerste raadgevers van de nieuwe generatie. Als zij zich goed en evenwichtig hebben kunnen ontwikkelen zal dit rechtstreeks ten goede komen aan het karakter, het geluk en de wijsheid van hun kinderen. Dit is zo belangrijk, dat indien een gezin niet over voldoende middelen beschikt om zoon én dochter een goede opleiding te geven, de voorkeur moet worden gegeven aan de opleiding van de dochter.

Vergelijk de natiën van de wereld met de leden van een gezin. Een gezin is een natie in het klein. Vergroot eenvoudigweg de kring van het gezin en men krijgt de natie. Vergroot de kring van de natiën en men heeft de gehele mensheid.

Ras
Er bestaat slechts één mensenras. Alle etnische en culturele verschillen tussen de mensen onderling moeten beschouwd worden als een bron van kracht, inspiratie en geestelijke rijkdom.

Een multiraciale samenleving komt pas tot zijn recht als ieder mens dezelfde behandeling en waardering ontvangt, van welke etnische achtergrond hij ook afkomstig is.

Racisme is een belangrijk obstakel op de weg naar vrede. De praktijk ervan is een te grove schending van de waardigheid van de mens om onder welk excuus dan ook te worden toegestaan. Racisme remt de ontwikkeling van zijn slachtoffers, verderft de daders en verwoest de menselijke vooruitgang.

De enige manier om racisme te overwinnen is erkenning van het één zijn van de mensheid, tot uitdrukking gebracht in passende wettelijke maatregelen die universeel gesteund worden.

De aarde is slechts één land waarvan alle mensen de burgers zijn.

Gij zijt de vruchten van één boom en de bladeren van één tak.

Werk en welvaart
Het werk van de mens - verricht in handel, ambacht, kunst of beroep - is het wezen van zijn leven en niet slechts de bron van zijn inkomen. Zinvol werk is voor de menselijke geest net zo essentieel als eten en drinken voor het lichaam.

Werk verricht in een geest van dienstbaarheid is een vorm van gebed; een manier om God te aanbidden. Werk is ook een morele plicht tegenover de maatschappij, zelfs voor degenen die rijk genoeg zijn om niet meer te hoeven werken.

Het recht op een inkomen wordt verkregen met werk. Bovendien heeft een werknemer het recht op een deel van de winsten van het bedrijf.

Welzijn is zowel het recht van het individu als van de gemeenschap; geen van tweeën mogen uit het oog worden verloren.

Het instellen van op rechtvaardigheid gebaseerde wereldinstellingen zal de grootste bijdrage leveren aan het gemeenschappelijk welzijn en een gezonde wereldeconomie.

De wilsinspanning, vereist voor het tot stand brengen van een wereldomvattende vrede, kan niet alleen opgebracht worden door de roep om actie tegen de talloze kwalen die de maatschappij teisteren. Deze moet opgewekt worden door een visie op menselijke welvaart in de ruimste zin van het woord - een bewustwording van het geestelijke en materiële welzijn dat nu binnen bereik is gebracht. Alle bewoners van de planeet dienen de vruchten ervan te plukken, zonder onderscheid.

Opvoeding
Ware opvoeding laat zich in met de gehele mens: zijn verstand, zijn emoties en zijn wil. De wortels van deze opvoeding liggen in de goddelijke gaven aan de mens. Het zijn dan ook de Boodschappers van God die de voornaamste universele opvoeders van de mensheid geweest zijn.

Het algehele doel van iedere samenleving behoort de opvoeding en opleiding van al haar leden te zijn. Opvoeding, kunst en techniek brengen een volk voorspoed, onafhankelijkheid en vrijheid.

Opvoeding en onderwijs verschaft de mens niet alleen macht over zichzelf, maar schenkt hem ook een creatieve band met de maatschappij en inzicht in zijn plaats in de kosmos. Het mensenrecht op onderwijs is in feite het recht op deelname aan het evolutieproces van de beschaving.

In deze fase van de geschiedenis is er een bijzondere behoefte aan adequate scholing en onderwijs voor vrouwen en meisjes. Onderzoek heeft bevestigd dat het opleiden van meisjes - van alle mogelijke investeringen!- het hoogste rendement oplevert in termen van sociale ontwikkeling, armoedebestrijding en de vooruitgang van de gemeenschap.

Beschouwt de mens als een mijn, rijk aan edelstenen van onschatbare waarde. Alleen opvoeding kan de schatten ervan aan het licht doen komen, en de mensheid in staat stellen daarvan profijt te trekken.

Aanbidding
Aanbidding in de ware zin van het woord is het vreugdevolle en spontane gevolg van diepe gevoelens van liefde, bewondering, eerbied en respect.

Van vrijheid op aanbidding en vrijheid van geweten is pas echt sprake als de mensen voldoende geestelijke kennis bezitten om tot hun eigen en onafhankelijke oordeel en beslissing te komen over de aard van het geloof.

Ik getuig, o mijn God, dat Gij mij hebt geschapen om u te kennen en te aanbidden. Ik betuig op dit ogenblik mijn machteloosheid en Uw macht, mijn armoede en Uw rijkdom.

Er is geen ander God dan Gij, de Helper-in-Nood, de Bij-Zich-Bestaande.

(Het korte dagelijkse bahá'í-gebed)

Het meest geliefde in Mijn ogen is rechtvaardigheid. Keer u niet van haar af indien gij Mij begeert, en veronachtzaam haar niet, zodat Ik u Mijn vertrouwen kan schenken. Met haar hulp zult gij met uw eigen ogen zien en niet door de ogen van anderen, uit eigen kennis weten en niet door de kennis van uw naaste.

Sociale orde
Ieder tijdperk heeft zijn eigen bestemming. De bestemming van deze tijd is het tot stand brengen van een rechtvaardige wereldorde, waarin alle landen vertegenwoordigd zijn.

De rechten van het individu kunnen pas gewaarborgd worden als aan ieder mens de sociale status van wereldburger wordt toegekend.

De rechten van ieder land kunnen pas gewaarborgd worden als alle landen in het internationale bestuur evenredig vertegenwoordigd zijn.

Een rechtvaardige wereldorde houdt de vestiging in van een wereldgemenebest die alle landen, geloven en klassen verenigt. Tegelijkertijd moeten de autonomie van zijn lidstaten en de persoonlijke vrijheid en het initiatief van de individuen die er deel van uitmaken, optimaal worden gewaarborgd.

Het gemenebest zou verder moeten bestaan uit een wereldwetgever, een werelduitvoerende macht - gesteund door een internationaal leger - en een wereldrechtbank.

Het welzijn der mensheid, haar vrede en veiligheid zijn onbereikbaar, tenzij haar eenheid blijvend tot stand is gebracht.

© 1998 Bahá'í Gemeenschap Nederland

 
zomerschool2007-1.jpg
Wij gebruiken cookies voor onze interne statistieken.