Lezen Bahá'í gebeden

Gebed in het Bahá'í-geloof bestaat uit woorden die zijn gericht tot God en het gebod te bidden is een van de belangrijkste bahá'í-wetten voor de individuele bahá’í. Het doel van gebed in het Bahá'í-geloof is dichter bij God en Bahá'u'lláh te komen, het eigen gedrag te verbeteren en te vragen om goddelijke bijstand.
 
Zowel Bahá'u'lláh, de grondlegger van het Bahá'í-geloof als zijn zoon, 'Abdu'l-Bahá, schreven vele gebeden, die inmiddels in vele talen zijn gepubliceerd.

 


Hij is de Meedogende, de Almilddadige!

O God, mijn God! Gij ziet mij, Gij kent mij; Gij zijt mijn Haven en mijn Toevlucht. Niemand heb ik gezocht noch zal ik zoeken buiten U; geen pad heb ik betreden noch zal ik betreden dan het pad van Uw liefde. In de duistere nacht van wanhoop wendt mijn oog zich vol verwachting en hoop naar de morgen van Uw grenzeloze gunst en bij het aanbreken van de dag wordt mijn kwijnende ziel verkwikt en gesterkt door de herinnering aan Uw schoonheid en volmaaktheid. Hij die door de gunst van Uw genade wordt geholpen, al ware hij slechts een druppel, zal een grenzeloze oceaan worden en het kleinste stofje zal, dankzij de uitstorting van Uw goedertierenheid, schitteren als een stralende ster.

Beschut onder Uw bescherming, o Gij Geest van zuiverheid, Gij Die de almilddadige Verzorger zijt, deze door U geboeide, in vuur geraakte dienaar. Help hem in deze bestaanswereld standvastig en trouw te blijven in Uw liefde en sta toe dat deze vleugellamme vogel een schuilplaats en toevlucht vindt in Uw goddelijk nest dat in de hemelse boom rust.

'Abdu'l-Bahá

 


Verdrijf mijn smart met Uw milddadigheid en Uw barmhartigheid, o God, mijn God, en verban mijn angst door Uw soevereiniteit en Uw macht. Gij ziet mij, o mijn God, met naar U geheven gelaat op een ogenblik dat leed mij van alle kanten omgeeft. Ik smeek U, o Gij, Die de Heer zijt van alle zijn, en Die al het zichtbare en onzichtbare overschaduwt, bij Uw Naam waardoor Gij hart en ziel der mensen onderwerpt, en bij de golven van de Oceaan Uwer genade en de pracht van de Dagster Uwer milddadigheid, mij te rekenen tot hen die door niets worden weerhouden hun gelaat tot U te heffen, o Gij Heer aller namen en Maker der hemelen.

Gij ziet, o mijn Heer, hetgeen mij in Uw dagen is overkomen. Ik smeek U, bij Hem Die de Dageraad van Uw namen en eigenschappen is, voor mij te bestemmen hetgeen mij in staat zal stellen mij te verheffen om U te dienen en Uw krachten te prijzen. Gij zijt waarlijk de Almachtige, de Almogende, Die de gebeden aller mensen pleegt te verhoren.

En ten laatste smeek ik U, bij het licht van Uw aanschijn, mijn aangelegenheden te zegenen, mij van mijn schulden te bevrijden en mijn behoeften te bevredigen. Gij zijt Degeen van Wiens macht en van Wiens heerschappij iedere tong getuigt, en Wiens majesteit en Wiens soevereiniteit ieder begrijpend hart erkent. Geen God is er dan Gij, Die luistert en bereid zijt te antwoorden.

Bahá'u'lláh

 


Geloofd zij Uw Naam, o mijn God! Ik smeek U bij de geuren van het kleed van Uw genade, die op Uw bevel en in overeenstemming met Uw wens over de gehele schepping werden verspreid, en bij de Dagster van Uw wil, die helder schijnt aan de horizont van Uw genade door de kracht van Uw macht en Uw soevereiniteit, om elke ijdele waan en nutteloze verbeelding uit mijn hart te wissen, zodat ik mij met geheel mijn genegenheid tot U moge keren, o Gij Heer der gehele mensheid.

Ik ben Uw dienaar en de zoon van Uw dienaar, o mijn God! Ik heb de handgreep van Uw genade gevat, en mij vastgeklemd aan het koord van Uw tedere barmhartigheid. Beschik voor mij het goede dat bij U is, en voed mij van de Tafel die Gij neerzond uit de wolken van Uw milddadigheid en de hemel Uwer gunst.

Gij, in waarheid, zijt de Heer der werelden, en de God van allen die in de hemel en allen die op aarde zijn.

Bahá'u'lláh

 


O God, mijn God! Ik smeek U bij de oceaan Uwer genezing en de pracht van de Dagster Uwer genade, en bij Uw naam door welke Gij Uw dienaren onderwerpt, en bij de doordringende kracht van Uw verhevenste Woord en de macht van Uw verhevenste Pen, en bij Uw genade, die aan de schepping van allen in de hemel en op aarde vooraf is gegaan, mij met de wateren Uwer milddadigheid te verlossen van iedere kwelling en kwaal en van alle zwakte en krachteloosheid.

Gij ziet, o mijn Heer, Uw smekeling wachten aan de deur van Uw barmhartigheid en hem die zijn hoop heeft gezet op U zich vastklemmen aan het koord Uwer milddadigheid. Ik smeek U, weiger hem niet hetgeen hij van de oceaan Uwer genade en de Dagster Uwer goedertierenheid verlangt. Machtig zijt Gij te doen naar Uw behagen. Er is geen ander God dan Gij, de Immervergevende, de Almilddadige.

Bahá'u'lláh

 


Zeg: o God, mijn God! Gij hebt aan mijn handen een pand van U toevertrouwd en hebt het thans naar Uw wil en welbehagen tot U teruggeroepen. Het staan niet aan mij, Uw dienares, om te zeggen: vanwaar komt dit tot mij of waarom is dit geschied, daar Gij verheerlijkt zijt in al Uw daden en Uw gebod gehoorzaamd dient te worden. Uw dienstmaagd, o mijn Heer, heeft haar hoop op Uw genade en milddadigheid gevestigd. Vergun haar dat zij verkrijge hetgeen haar U zal doen naderen en haar in elk Uwer werelden zal baten.

Gij zijt de Vergevende, de Almilddadige. Er is geen ander God dan Gij, de Bestierder, de Eeuwige.

Bahá'u'lláh

 


Als u nog meer gebeden wilt lezen kunt u door middel van de onderstaande link een gebedenboek downloaden:

Download het boekje 'Bahá'í Gebeden'
Mobiel en e-books: EPUB, MOBI

 
Wij gebruiken cookies voor onze interne statistieken.